Iedereen atleet!

Echt helemaal jolig ben ik nooit geworden van een toertje rennen. Om een reden die ik graag aan mijn fysiologische kenmerken (of beperkingen) toeschrijf, had ik altijd het gevoel dat mijn benen vierkant draaiden als ik moest lopen. Voor mezelf heb ik de laatste jaren een benchmark in het leven geroepen, namelijk 10km lopen binnen het uur. Zodra ik daar niet langer toe in staat was, zou de alarmprocedure in gang worden gezet. Concreet houdt zo’n alarmprocedure niets meer in dan een zoektocht naar de loopschoenen enerzijds, en de moed om de moeilijkste van alle meters te overwinnen, namelijk die van in de zetel naar de deur, anderszijds.

Tot voor kort was “halfweg Augustus vorig jaar” de laatste keer dat ik mijn fysieke conditie (of het gebrek daaraan) toetste aan die benchmark. Om heel eerlijk te zijn, ik faalde. Het moet ongeveer 1u en een paar minuten zijn geweest voor ik was waar ik moest zijn en echt lekker spoorde het zeker niet. Ik was meer dood dan levend en zo goed als alles deed pijn. Zo goed als Dead on Arrival, gebuisd op de schaal van mezelf. Goed tien maanden ben ik erin geslaagd die dreigende donderwolk in mijn ooghoeken te negeren. Het voelde als een knoop in een zakdoek, een “oh juist ja, dat moest ik ook nog doen.” Mijn basisconditie was naar de filistijnen en er moest wat aan gebeuren. En wel dringend.

Omdat ik door het afronden van een opleiding niet langer tijdsgebrek als excuus kon aanwenden, was er geen ontkomen meer aan. Alle excuses die maandenlang mijn trouwe bondgenoot waren geweest, waren een voor een de deur uitgewandeld en resoluut uit mijn gezichtsveld verdwenen. En zo komt het dat ik recent de zoektocht naar mijn loopschoenen aanvatte.

Wat rennen nu anders maakt dan pakweg tien jaar geleden, is de mogelijkheid om een shitload aan electronica mee te nemen, zonder dat dit meergewicht een aanslag op je gewrichten hoeft te betekenen.
Lang was ik een have-not, maar sinds kort ben ik de bezitter van een smartphone. Uiteraard was het eerste wat ik deed de app-store plunderen met een gulzigheid die zelden eerder vertoond werd. Schuldig.

 

runkeeper

Het meeste was regelrechte gratis rotzooi, waardoor ik de aangewezen bits en bytes netjes naar de prullenmand kegelde na een oppervlakkige test. Onder de overlevers stak het fantastische runkeeper er met kop en schouders boven uit. Heb ik trouwens al gezegd dat ik de makers ervan wil voordragen voor de nobelprijs geneeskunde? Ik heb iets met cijfers en statistieken, waarschijnlijk. En net daarom vind ik het zo fantastisch om runkeeper te gebruiken. Daar waar tijdsgebrek een tijdlang mijn trouwe bondgenoot was en me stilzwijgend toeliet om niet te gaan lopen, is runkeeper een (fout) vriendje die aldoor in je oor fluistert en je uitdaagt.
“Komaan, 5km, meer vraag ik niet. Lekker loslopen. Vooruit man, het is al bijna 24 uur geleden en je hebt geen spierpijn. Je zal het zien, het lopen zal goed gaan. Allé, wat denk je, you & me & een muziekske? Gezellig samen frisse lucht zuigen, beetje trainen en dan samen de statistieken overlopen,…?”

OKEE OKEE. “Schat, vind je het goed als ik vanavond weer ga lopen?”

Schoenen aan, renbroekie zoeken, een T-shirt uit de onderste lade vissen, muziekje op met ongeveer 140 pulsen per mituut, satellieten zoeken, en dan gaan. Ondertussen ben ik twee weken en 30km verder en ik heb het gevoel dat mijn basisconditie weer helemaal afgestoft is. Alleen ben ik niet van plan om het hierbij te laten. Het smaakt naar meer. Het sterven komt later of blijft uit, de versnelling bergop lijkt beschikbaar, de muur waar ik de eerste keer tegenaan knalde, blijkt nu niets meer dan een verticaal vel papier waar ik nu zo doorheen knal. De laatste kilometer loop ik alsof er een kudde gnoes achter me aan zit. En dan volgt het uitblazen en uitzweten op het terras, muziekje uit, en statistiekje checken bij de ondergaande zon.

running

 

Nooit eerder voelde dat hollen zo goed als de laatste weken. Dat durf ik in grote mate toe te schrijven aan dat kleine rekenwondertje in mijn telefoon. Runkeeper? Ik denk dat het Keeprunner moet zijn.

 

 

Fragment uit de film American Beauty. Deze film zou zo in mijn top-tien komen te staan, mocht ik er een hebben.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s